Diepe analyse van Facebook’s cijfers

Een kleine tip en update. Ik stuitte deze week op een aantal interessante analyses over Facebook door de huidige CFO van Twitter, Anthony Noto. Absoluut de moeite waard om te lezen. De e-mail is geschreven aan de CEO van Snapchat, Evan Spiegel, en komt uit het grote lek van Sony wat te doorzoeken is op de site van WikiLeaks.

Lees hier de email: Anthony Noto to Evan Spiegel: Perspective on FB

Het probleem van V&D en Blokker zit online.

De afgelopen week was een slechte week voor de grote retailketens van Nederland. Blokker, V&D, Schoenenreus, House of shoes, allemaal was er sprake van een grote reorganisatie, problemen of een faillissement. En eigenlijk is dat helemaal niet zo gek.

Naar aanleiding van een tweet van @jaapstronks schreef ik in drie tweets een korte analyse van de situatie waar ik sinds het nieuws rondom V&D al mee rondloop. En dat probleem is niet op te lossen door nieuwe winkels, een flexibelere schil van medewerkers of een doorstart na een faillissement. Het echte probleem zit namelijk niet in de winkel, maar ligt online.

Een klein stukje achtergrond is hierbij misschien gepast. Online shoppen is al jaren bezig aan een opmars, van kleding tot TV’s tot verse boodschappen, het kan allemaal online gekocht worden. Echter, een website heeft fundamenteel andere karakteristieken dan een fysieke winkel. Je koopt niet bij een persoon, maar in een systeem. De website is altijd open, maar producten liggen niet direct voor de deur. Gek genoeg zien we een online winkel wel als een persoonlijke interactie. (Voor een dieper verhaal over belangrijke aspecten van kopen online, zie mijn scriptie over vertrouwen en privacy online).

Bol.com en Coolblue zijn in Nederland twee gevestigde namen die online vanaf het begin begrepen hebben en met het volwassen van de markt zijn mee gegroeid. En dat volwassen worden van het online shoppen is het grote probleem van Blokker, V&D en alle andere winkels. De boot naar online is gemist. Dat wisten we allemaal al, maar waarom wordt dat nu opeens duidelijk?

De belangrijkste uitdaging online is vertrouwen (zie weer die scriptie). En vertrouwen komt niet zomaar, maar met de tijd. En die tijd is nu gekomen. Grote webwinkels staan inmiddels qua bekendheid en vertrouwen op gelijke voet als normale winkels. De groep die online spullen koopt is daarmee jaar na jaar gegroeid.

Terug naar V&D en Blokker, waarom moeten die twee ketens hier juist onder lijden? Dat heeft voornamelijk met het segment van beide winkels te maken. Je kunt de ketens beide typeren als alleskunners die in een bepaalde algemene behoefte voorzien. Geen uitgesproken producten maar wel zaken die iedereen nodig heeft.

En juist in deze categorie zijn online-winkels een uitkomst. Het probleem online is dat je moet wachten op je producten, dat is de reden dat supermarkten nog bestaan. Maar de producten van V&D of Blokker hebben die tijdsdruk niet. De groep die binnen nu en een uur een strijkbout of een messenset nodig heeft is bijna nul. Deze algemene producten zijn ideaal voor webwinkels. De marges zijn goed, de tijdsdruk is niet aanwezig en er zijn geen sterke merken waar de massa grote affiniteit mee heeft. Tijd en kosten spelen de belangrijkste rol.

In beide categorieën winnen de online winkels van Blokker en V&D. Sterk offline, maar online nog in de kinderschoenen. Er is wel een webwinkel, maar online aanwezigheid is gering. Want wil je online aanwezig zijn komt daar veel meer bij kijken dan alleen een website. Dat betekent een uitgekiende strategie om de juiste klanten te bereiken, vertrouwen te bouwen en 1 gezicht uit te stralen. Snelle levertijden, sterke mailings en een website die het op elk apparaat soepel en snel werkt. Blij Blokker en V&D is de webshop er omdat het moet, maar ze concurreren in geen geval met bedrijven zoals Bol of Coolblue, waar de hele bedrijfsvoering draait om online.

Al deze signalen maken het des te pijnlijker dat Blokker inzet op een nieuw winkelconcept met een “omnichannel” strategie. In de winkel ligt het probleem niet, online moet centraal staan. En als dat niet gebeurt, dan zijn zowel V&D als Blokker over 5 jaar failliet.

Nee zeggen en ja doen: Het probleem met Privacy statements

Deze blog is er een in een serie rondom mijn scriptie, waar ik onderzoek doe naar Privacy en Internetveiligheid in een steeds meer digitale wereld. Ik onderzoek de impact voor bedrijven en hoe ze met persoonsgegevens om moeten gaan, en wat voor impact dit heeft op de bedrijfsvoering. Dit blog dient als een soort B-roll. De achtergrond bij de scriptie, de dagelijkse bevindingen samengevat in een blog. 

Vanochtend logde ik in op LinkedIn en verscheen er een melding die regelmatig bij webdiensten voorbij komen. De Privacy Policy en gebruiksvoorwaarden waren aangepast, en met het doorgaan naar de site zou ik deze accepteren. Natuurlijk ging ik door. En zonder te lezen. Want wie leest nu deze statements, al ben je ontzettend gesteld op je privacy.

Een virtuele assistent bleek een enorme impact te hebben op het vertrouwen van de deelnemers naar de webshop toe.

En eigenlijk wisten we dit al met de komst van Twitter en Facebook, maar al in 1998 werd hier onderzoek naar gedaan. Centrale vraag destijds was: Hoe kan je in een online winkel zo veel mogelijk gegevens vrijwillig vergaren over bezoekers. De deelnemers moesten (vrijwillig) een hele reeks vragen beantwoorden om ze zo goed mogelijk te helpen bij de keuze van hun product. Hier zaten ook persoonlijke vragen tussen die niks te maken hadden met features van de producten. Wilde ze iets kopen, dan deden ze dat van eigen geld. Daarnaast was het invullen van privacy-gevoelige informatie gevraagd, maar niet verplicht. Dit hele proces werd begeleidt door een soort virtuele assistent, met de naam Laura.

En het grappige wat gebeurde was dit: De deelnemers die van tevoren zeer gesteld waren op hun Privacy gaven inderdaad minder vaak hun persoonlijke gegevens op, maar nog steeds in 40% van alle gevallen. Maar dat was wel te verwachten. Er was iets anders nog meer bijzonder

Naast deze statistiek kreeg elke deelnemer een waarde op basis van het onderzoek een automatische waarde hoe moeilijk het was om gegevens af te staan (Privacy cost). Deelnemers die van tevoren aangaven zeer gesteld te waren op hun Online Privacy hadden een lagere waarde dan deelnemers die zich als een gewone gebruiker identificeerden. Dit betekende dat deze mensen makkelijker gegevens afstonden in tegenstelling tot de ‘gewone gebruiker’.

En wat nog wel het meest interessante van dit onderzoek was is hoe de ervaring het afstaan van gegevens kan beïnvloeden. Een virtuele assistent bleek een enorme impact te hebben op het vertrouwen van de deelnemers naar de webshop toe. Het idee dat een mens hun hielp in plaats van een grote computer verlaagde de drempel om persoonsgegevens af te staan.

En daar ligt ook het grote probleem, al in 1998. Al zouden er programma’s beschikbaar zijn (zoals destijds P3P) die gebruikers sturen in de richting die ze echt willen, kan software of een gebruikerservaring de keuze ontzettend beïnvloeden. Het is zaak voor de consument daar rekening mee te houden, en voor webshops biedt het grote kansen om betere en meer data van de klanten te kunnen ontvangen.

Naar: Privacy in e-commerce: Stated preference vs. Actual Behaviour

Veiligheid en Privacy in een online wereld

Dropbox, Target, Adobe, .nl-adressen. Het zijn slechts een aantal voorbeelden van bedrijven waarvan in het afgelopen jaar klantgegevens gepubliceerd zijn. Van creditcard gegevens tot 20 miljoen wachtwoorden.  Maar ook Google en ING, die in het nieuws waren omdat ze gegevens wilde gebruiken voor het analyseren van koopgedrag of het bouwen van een profiel.

En met elk lek neet het vertrouwen in webwinkels af. We zijn bang voor de gevolgen van al deze lekken en het leegtrekken van onze bankrekeningen is iets wat we koste wat het kost willen voorkomen.

Belangrijk verschil is er wel tussen Veiligheid en Privacy op het internet. Veiligheid gaat over de lekken en hoe veilig jouw gegevens opgeslagen staan. Dat wil niet zeggen dat het bedrijf wel of geen toegang heeft tot je data om deze te gebruiken. Privacy gaat daarentegen over wat bedrijven met jouw data doen. Gebruiken ze dit om te analyseren of je zwanger bent? Of versleutelen ze juist alle data uit principiële overwegingen?

Schrijvers en activisten als Cory Doctorow en Evgeny Morozov strijden al jaren voor een veiliger, meer privé internet. En met de lekken van Edward Snowden en een tweede onbekende klokkenluider is de discussie het afgelopen jaar regelmatig op de voorpagina’s van de kranten te vinden.

De komende maanden ga ik me bezig houden met deze vragen. Vanaf 1 november begint het scriptietraject voor mijn studie Bedrijfskunde en ik hoop ook via deze weg stukken te kunnen schrijven over Internetveiligheid en Privacy. Het onderzoek gaat zich voornamelijk richten op welke factoren een rol spelen bij webwinkels. Welke factoren moet je als webwinkel rekening mee houden? Hoe moet je met klantdata omgaan en welke veiligheidsmaatregelen zijn cruciaal? Allemaal vragen die hopelijk langs gaan komen.

ps. Als je dit hebt gelezen weet ik waar je vandaan komt, op wat voor apparaat je dit gelezen hebt, waar je muis heeft geklikt en tot waar je gescrollt hebt. En dat valt nog redelijk mee als je dat vergelijkt met Google, Amazon of andere grote bedrijven.

Wat kenniswerkers kunnen leren van Amsterdamse fietsers

Regelmatig fiets ik door Amsterdam op mijn oude oma-fiets. Amsterdam staat bekend om z’n kleine straatjes en krappe bochten. Het is dan ook heel grappig om toeristen te zien ploeteren op al deze voorbij razende fietsers.

Bij de Amsterdammers zijn echter twee type fietsers te onderscheiden. De eerste groep is de grootste groep. De racers. Zodra er ook maar een recht stuk is trappen ze het gas vol in om maar zo hard mogelijk te fietsen. Heel leuk, maar uiteindelijk kom je ze bij het volgende stoplicht doodleuk weer tegen. Waarom? Ze probeerden zo efficient mogelijk te fietsen. Alle kracht eruit persen, om zo snel mogelijk te zijn.

Dan heb je de tweede groep. Dat zijn de mensen die niet het hardste weg fietsen van het stoplicht, maar wel altijd 200 meter verder kijken. Deze mensen snijden de bochten slim aan, vermijden stoplichten en zorgen ervoor dat ze overal handig tussendoor kunnen door soms in te houden. Met minder inspanning en een beter overzicht van de situatie komen ze vaak sneller en vooral fitter aan op de bestemming. Een effectieve aanpak.

Op de werkvloer zijn deze twee groepen ook te onderscheiden. Efficientie lijkt soms de beste weg, maar dat is niet wat je nodig hebt. Overzicht houden over de situatie, soms even gas terug nemen kan een project een enorme boost geven. Als een kip zonder kop wegvliegen heeft geen zin. Want uiteindelijk komen we elkaar weer tegen bij het stoplicht, ben jij moe en ik nog fit om door te gaan. Dus neem de bochten net wat slimmer, vermijd de stoplichten en kijk 200 meter verder vooruit. Daarmee ben je echt effectief.

Foto: Flickr (Michiel S)

In 10 minuten overzicht in je email

Inbox zero is de heilige graal van email. Helaas lukt het niemand om die inbox zero vol te houden. Op een of andere manier weten we het niet voor elkaar te spelen structureel met email om te gaan? Maar hoe moet het dan wel?

Durf je email te sluiten

Je email loopt niet weg. En waarom zou je dan de hele dag je mail controleren? Een keer per dag is meer dan voldoende. Elke dag als je de computer opstart check je kort je mail, verwerk je de belangrijke mails en archiveer je de rest. Daarna gaat de mail weer dicht zodat je focus kan blijven op het echte werk.

Weg met de nieuwsbrieven!

Nieuwsbrieven, iedereen krijgt er tientallen op een dag, en niemand leest ze. Gebruik een dienst als unroll.me om in nog geen vijf minuten rust te vinden in het oerwoud van nieuwsbrieven. Zinvolle mails bewaar je, belangrijke nieuwsbrieven die je sporadisch leest stop je in de roll-up. Zo krijg je maar 1 keer per dag een overzicht van alle semi-belangrijke berichten, in 1 email.

Een map to rule them all

Wist je dat de meeste mailclients een zoekfunctie hebben? En wist je dat je daarmee in mails kunt zoeken? Handig toch? Waarom gebeurt het dan regelmatig dat er mensen minimaal 20 verschillende mappen voor hun archief in hun mail hebben? Elke mail die je moet verwerken gaat weer in een apart mapje! Door alle mail waar geen actie aan verbonden zit in 1 archief te gooien bespaar je een hoop tijd en heb je zelfs nog een beter overzicht over alle mail. Inmiddels is de zoekfunctie krachtig genoeg geworden om alle mails terug te vinden. Ik ben nog nooit een mail kwijt geraakt sinds ik met 1 archiefmap werk. En het scheelt me per mail 5 seconden nadenken naar welke map ik dit ook alweer moet verplaatsen.

Verwerk de acties!

De grootste misvatting van email is dat het een takenlijst moet zijn. email is net als een postbus. Je checkt het een aantal keer per week en daarna gaat hij weer op slot, zodat jij je focus kunt houden bij de taken. Haal de taken die in een email zitten dan ook uit de mail en stop ze in je to-do applicatie, of schrijf ze op een lijstje. Maar gebruik je mailbox niet als actielijstje, dan belandt je in een eindeloos diepe put die nooit stop.

Mail verwerken is een kunst, en die kunt moest je kunnen verstaan. Door deze vier simpele stappen kom je al een heel eind. Inbox zero zal je niet halen, maar door te beginnen met het sluiten van je mail als je met andere zaken bezig bent creëer je een hele hoop rust. Jij regeert over je email. De email niet over jou.

 

Gebruik je Evernote om baas te zijn over je mail? En ben je enthousiast om af en toe tips te ontvangen over hoe je de baas kunt blijven? Schrijf je dan hier in voor de tipbrief in je mailbox (en je mag deze nieuwsbrief best in je rollup stoppen van unroll.me 😉 )

“Your mind is for having ideas, not holding them.” – David Allen

“Your mind is for having ideas, not holding them.”  – David Allen

En exact daarom gebruik ik fanatiek Evernote. Mijn geheugen wat wel gebouwd is om ideeën te bewaren. De komende tijd ga je vaker blogposts zien in de trant van productiviteit met Evernote en de theorie die daar achter schuil gaat.

 

Fanatiek gebruiker van Evernote? En enthousiast om af en toe tips te ontvangen over hoe je het nog beter kunt gebruiken? Schrijf je dan hier in voor de tipbrief in je mailbox (en met af en toe bedoel ik echt af en toe, als ik zin heb.)

 

Drie tips voor digitaal productief werken

Evernote, Omnifocus, Onenote en Wunderlist. Populaire apps die beloven je productief te laten werken. Een onderwerp waar heel veel mensen hun tijd en energie in stoppen. Hoe kunnen we sneller werken? Hoe kunnen we effectiever zijn? Hoe moeten we ons bedrijf organiseren? Er valt een hele hoop winst te behalen. Maar hoe kies je nu een goed systeem? En waar moet je rekening mee houden?

De digitale revolutie in productiviteit

Productiviteit op papier had altijd een bepaalde limiet. Handen kunnen niet sneller gaan, en schrijven kan niet sneller zonder heel veel training. Er zit in vaste top aan hoe veel werk er gedaan kan worden door 1 persoon. Met de komst van computers in alle werksituaties is daar verandering in gekomen. Communicatie op het werk verloopt niet meer op een klein aantal vaste wegen, maar via tientallen verschillende wegen, van e-mail, telefoon en Whatsapp tot het interne systeem met projectmanagement.

Dit maakt het traditioneel denken over productief werken een stuk lastiger. Er is niet een takenlijst die je kan afwerken zoals je e-mail of je openstaande taken op het werk. Er zijn 15 verschillende soorten input die je moet verwerken. Dat maakt effectief en productief werken lastig zonder na te denken over een gestructureerd systeem om digitaal productief in te werken.

Alle tools en programma’s die je beloven productiever te laten wergen juist voor een mindere productiviteit! Je bent meer tijd bezig met het wekelijks aanpassen van je systeem om ervoor te zorgen dat je marginaal productiever bent. De winst die je haalt met die nieuwe tool weegt niet op tegen de nadelen van je huidige tool vanwege de moeite die het kost om te migreren. Het is dus van belang om goed na te denken over wat voor systeem je hanteert. Anders komt het meer moeite dan het winst oplevert.

digitaal productief werken continuum

Zaak is dus om, als je echt bezig wilt gaan met digitale productiviteit, zorgvuldig de tool te kiezen die je wilt gaan gebruiken. Een aantal dingen zijn belangrijk.

Digitaal productief = Overal

Vroeger droeg je overal notitieboek mee, digitaal productief zijn is exact hetzelfde. Productiviteit is niet alleen op je werk, niet alleen thuis en ook niet alleen bij vrienden. Productief zijn is altijd en overal. Het is een cruciaal onderdeel van je dagelijkse bezigheden. Kies dus een tool die overal is. Niet alleen beschikbaar op je telefoon, maar ook een oplossing heeft voor je werkcomputer en je computer thuis.

In your face!

Naast dat je workflow overal aanwezig moet zijn, moet het ook heel eenvoudig zijn om je taken, herinneringen of notities in te voeren. Dus niet weggestopt in een app op je dekstop, maar in de taakbalk! Of op de Mac in de menu-balk! En op je telfoon niet verstopt in een app maar eenvoudig bereikbaar vanuit elke app. Een widget of supersnelle app bieden hier voor uitkomst. Als je workflow niet altijd “in your face” is, ga je er ook niks in stoppen.

Solid as a rock, liquid as water

Je workflow moet voorzien in de belangrijkste elementen die jij nodig hebt. Mail je veel? Zorg ervoor dat je snel taken vanuit je mail kunt toevoegen! Zit je vaak op je mobiele telefoon? Zorg er dan voor dat je productief kunt zijn met een hele goede app! Identificeer jou belangrijkste wensen en kijk welke apps daarbij passen. Tegelijk is het belangrijk om je te realiseren dat behoeftes veranderen over tijd. Dan is het slim om toch flexibel te kunnen zijn in de workflow die je al gebruikte. Kijk dus ook hoe flexibel je een app kunt inrichten. Zit je vast in een productivteitstheorie zoals GTD? Of ben je juist helemaal vrij hoe je aantekeningen, herinneringen en notities verwerkt? De app moet dus voorzien in je basisbehoeftes voor je workflow, maart tegelijk flexibel genoeg zijn om aanpassingen te kunnen maken.

Digitaal productief werken is een uitdaging en digitaal de juiste toepassingen kiezen is vaak nog lastiger.